Vakbonden pleiten voor betere positie voor jonge leraren
24 november 2016 – Betere begeleiding, sneller een vaste aanstelling, kleinere klassen en meer inspraak. Dat zijn in het kort de oplossingen om meer jonge docenten aan te trekken. Dat meldt de AOb op basis van een brief van de Groene Golf, de jongerenbeweging van de Algemene Onderwijsbond (AOb), aan de Tweede Kamer.
Begin december debatteert de Tweede Kamer over de arbeidsmarktpositie van jonge docenten. “Coaching en begeleiding voor starters moet een vanzelfsprekend en verplicht onderdeel worden van de eerste twee jaren van een starter”, schrijft Dorien König, voorzitter van de Groene Golf. “Wij merken dat startende leraren vaak in het diepe worden gegooid.” Ook pleit König voor meer zeggenschap over het eigen vak, zowel in de praktijk als in het meedenken over een curriculum. Er is nu weinig ruimte voor nieuwe ideeën. “Er is angst om buiten de inspectiekaders te treden of om methodes los te laten”, aldus König.
Ook kleinere klassen zijn in het voordeel van de startende leraar. De Groene Golf wil daarom, net als een aantal politieke partijen, de gemiddelde klassengrootte laten vastleggen. D66 en SP dienden daarvoor eerder een initiatiefwetsvoorstel in. De jongerenbeweging is voor een gemiddelde klassengrootte van maximaal 23 leerlingen. Deze maatregelen moeten voorkomen dat ambitieuze nieuwe leraren wegvluchten uit het onderwijs “omdat de voorwaarden voor goed onderwijs niet op orde zijn”, schrijft König tot slot.
Ook de AOb en de andere bonden, zoals CNVO, FNV Overheid, FvOv en de Algemene Vereniging Schoolleiders (AVS) vragen de Tweede Kamer aandacht voor de positie van jonge leraren. In een brief pleiten zij onder andere voor een beter salaris, het terugdringen van de werkdruk en betere doorgroeimogelijkheden. Zij delen het standpunt van de Groene Golf dat er meer vaste banen voor jonge leraren moeten komen.
Door: Redactie Ambtenarensalaris