Eenmalige loonuitkering umc’s valt verkeerd bij bonden
10 oktober 2016 – Alle medewerkers van Nederlandse umc’s krijgen in december een extra eenmalige loonuitkering van 1,1%. Minder dan de in het bovensectoraal loonakkoord 2015 afgesproken 1,4%.
De extra uitkering werd mogelijk doordat het ABP op 1 januari 2016 de werkgeverspensioenpremies verlaagde. Dat meldt de NFU, de vereniging van umc’s. Ook kregen de umc’s over 2016 een vergoeding van de rijksoverheid in het kader van een ‘loonruimteakkoord’ tussen het Rijk en een aantal vakbonden en ambtenarenwerkgevers. Dat hebben de gezamenlijke umc’s, verenigd in de Nederlandse Federatie van Universitair Medische Centra (NFU), besloten.
Door de premieverlaging en compensatie kwam bij umc’s voor 2016 extra loonruimte beschikbaar die nog niet bekend was toen de CAO UMC 2015-2017 werd gesloten. De NFU geeft aan alle voor 2016 beschikbaar gekomen extra loonruimte via een eenmalige uitkering van 1,1% van het salaris in 2016 nog dit jaar door te geven aan hun medewerkers.
Conflict met de vakbonden
De bonden (CNV Zorg & Welzijn, FNV, NU’91 en FBZ) liggen al bijna een jaar in de clinch met de NFU over een eerder afgesproken loonsverhoging van 1,4%. In het bovensectoraal loonakkoord uit 2015 is afgesproken dat alle werknemers die zijn aangesloten bij pensioenfonds ABP een loonsverhoging krijgen van 1,4%, als compensatie voor een verlaging van de pensioenpremie. In januari liet de NFU aan de bonden weten dat zij zich niet gebonden voelde aan deze afspraken, omdat onderliggende afspraken (over herstelopslag en premiewijziging) ondertussen waren veranderd.
De bonden beraden zich nu op de volgende te nemen stappen.
Door: Redactie Ambtenarensalaris